Beiaard


Anton van Wilderode


De beiaard sprinkelt speelsgewijze noten
van een oud lied te kwist over de stad
voor alwie luistert rond Sint-Romboutstoren
en verderop, en verderweg op pad, -
soms even stilstaand, met gespitste oren,
als toen Denyn of Nees daarboven zat.

Dwarsdoor geruchten die de dag verstoren
klinkt het getinkel dat ik nooit vergat.


Toelichting

Anton van Wilderode (1918-1998) was priester, classicus en Vlaming. Meteen zijn de drie inspiratiebronnen van zijn poëzie genoemd. De poëzie van Van Wilderode is klassiek van opbouw, romantisch van inslag en vaak mystiek van inspiratie.Van Wilderode bezorgde gevierde vertalingen van het dichtwerk van Vergilius en Horatius en schreef zowel beschouwende als gelegenheidspoëzie. Van Wilderode ontving talrijke prijzen en bekroningen voor zijn dicht- en vertaalwerk. 

Anton van Wilderode was vast auteur van de bindteksten voor de jaarlijkse IJzerbedevaarten, wat hem deed uitgroeien tot de poeta laureatus van de Vlaamse zaak. Het is dan ook niet verbazend dat de beiaard meer dan eens in zijn poëzie verschijnt. Voor de inhuldiging van het klokkenspel op de IJzertoren schreef hij een lied met de volgende militante inhoud :

(…)
Beiaard, Vlaamse Lorelei,
zing ons aan en zing ons vrij
alle nederlaag voorbij !

Beiaard, wanneer wee en wonden
zijn vergeten en verbonden
en genezen op de duur,
zal uw klokkenspel verkonden
met zijn bijna veertig monden
zegepraal en zelfbestuur !

Het gedicht Beiaard dat in deze website is weergegeven, is geschreven voor het kunstboek Het sierlijke bestaan van steden, (Leuven-Tielt, 1990). Het bezingt de Mechelse Sint-Romboutsbeiaard en combineert in amper acht verzen alle courante beeldspraak rond de beiaard : het idee van het besprenkelen, de speelsheid, het gratis karakter (“te kwist”), het ouderwetse, het achtergrondgeluid, het continu karakter (“als toen Denyn of Nees …”), het verhevene boven het lawaai van de stad. Aan het begin en aan het einde van het gedicht staan enkele frisse klanknabootsingen (sprinkelt , kwist, klinkt, getinkel). Kortom, een conventioneel gedicht, maar dan wel knap gemaakt.

terug | home